Regeerakkoord: Wat betekent het wijzigen van de kinderopvangtoeslag voor gemeenten?

Innovatienul13_flexibel-toezicht

Regeerakkoord: Wat betekent het wijzigen van de kinderopvangtoeslag voor gemeenten?

In ons vorige artikel gaven we het al aan: Rol van de gemeenten wordt nog belangrijker bij kansengelijkheid. Het regeerakkoord laat een duidelijke opdracht zien.

Thema’s als indiceren en toeleiden door de JGZ/GGD blijven onverminderd essentieel, een sluitend proces van indiceren en toeleiden in samenspraak met kinderopvang en andere betrokkenen, is meer dan ooit belangrijk. Want werken aan kansengelijkheid is alleen maar mogelijk wanneer je ouders met jonge kinderen in de leeftijd van 0-4 jaar ook daadwerkelijk bereikt met een passend programma zoals VVE!

Een kind wordt niet geboren als het 4 jaar is.

De gemeente als regievoerder én verbinder
Vanzelfsprekend heeft het onderwijs een belangrijke taak in het werken aan kansengelijkheid. Maar aangezien een kind niet met 4 jaar geboren wordt, is de rol van voorzieningen die aanbod leveren voor 0-4 jarigen van essentieel belang. De gemeente kan als regievoerder van het maatschappelijk veld de verschillende partijen verbinden. Wijkwerk, kinderopvang, jeugdzorg, onderwijs, sport en cultuur: het zijn schakels die alleen samen het echte verschil kunnen maken, maar vaak nog niet vanzelfsprekend samenwerken als één netwerk rondom het gezin!

Voor gemeenten is het een uitdaging om met collega beleidsadviseurs te komen tot een integrale aanpak die nodig is om als regievoerder en verbinder je rol te pakken zowel ambtelijk als bestuurlijk. Zo zijn er vanuit de portefeuille Onderwijsachterstanden (OAB/VVE) veel mogelijkheden om zo’n integrale aanpak te organiseren.

Stimuleren en faciliteren
Gemeenten hebben al veel langer een stimulerende en faciliterende rol als het gaat om onderwijsachterstandenbeleid. In de voorschoolse educatie komen kinderen van werkende en niet-werkende ouders, doelgroeppeuters en reguliere peuters samen. Landelijk gezien zijn ruim 50% van de dagopvanglocaties (0-4 jarigen) VVE geregistreerd en daarmee deels gesubsidieerd door gemeenten. Een grote kans om daar al de regie te nemen en de samenwerking te zoeken.

De Peutermonitor -die in veel gemeenten gebruikt wordt-, meet het bereik en non-bereik van doelgroeppeuters en ondersteunt objectief de subsidiëring van de voorschoolse educatie. Wanneer we kijken naar de verdeling van de werkende en niet-werkende ouders (verdeling KOT/NKOT) zien we het volgende:

kinderopvangtoeslag gemeenten

Ruim 60% van de ouders in de VVE voorzieningen kan gebruik maken van kinderopvangtoeslag. Zij betalen in 2025 volgens de plannen uit het Regeerakkoord nog maar 5% van de rekening. Bijna 40% doet nu een beroep op subsidie vanuit de gemeente. Dit zijn zowel doelgroeppeuters als reguliere niet-KOT peuters. Wanneer we dezelfde onderverdeling in KOT/NKOT bekijken, maar nu met een splitsing in doelgroeppeuters en reguliere peuters zien we een veel genuanceerder beeld. Bij de doelgroeppeuters is de verdeling KOT/NKOT precies omgekeerd 38%/62%), terwijl bij de reguliere peuters bijna 85% van de ouders recht heeft op kinderopvangtoeslag. Tevens blijkt uit de data van gemeenten die de Peutermonitor gebruiken dat gemiddeld 42% van de ouders zonder recht op kinderopvangtoeslag een inkomen heeft onder de € 26.000. Vanzelfsprekend zijn er tussen gemeenten verschillen aanwezig.

Naast deze gegevens kan, op basis van de inkomensgegevens van ouders, een landelijke inschatting gemaakt worden wat de 5%-regeling voor gemeenten gaat betekenen wanneer zij de NKOT-ouders op dezelfde basis gaan subsidiëren. Voor gemeenten die de Peutermonitor gebruiken, kan dat  nauwkeurig berekend worden.

Een kostenstijging voor uw gemeente? Meten is weten.
In de media verschijnen de eerste berichten dat dit voor gemeenten een forse kostenstijging betekent. Op dit moment heeft niemand de exacte berekening en wordt er gerekend vanuit aannames. Echter, Innovatie nul13 kan met de Peutermonitor specifieker berekenen wat die kostenstijging precies inhoudt. Per gemeente en als geheel. Want stel dat 2025 nu zou zijn en u als gemeente ook tot 5% tot het normtarief zou compenseren, is op basis van de data uit de Peutermonitor te berekenen dat de gemiddelde verhoging van de gemeentelijke subsidie gemiddeld 1,5% is. En vanzelfsprekend zijn er ook hier verschillen tussen gemeenten die te maken hebben met de precieze inkomensverdeling van ouders. Daarmee laat de Peutermonitor eens te meer zien dat het waardevolle en actuele inzichten geeft op basis van lokale data.

Hulp nodig?
De adviseurs van Innovatie nul13 geven hierover graag advies of begeleiden dit proces in samenspraak met gemeenten. Ben je geïnspireerd, maar wil je wel nog even sparren? Of heb je een gerichte vraag, een dringend verzoek of behoefte aan een oriënterend gesprek? We horen het graag. Bel of mail gerust.

030 877 92 35 | info@innovatienul13.nl