Op 1 januari 2020 gaat heel Nederland naar 16 uur VVE.

innovatienul13_kinderopvang

Op 1 januari 2020 gaat heel Nederland naar 16 uur VVE.

Wat verandert er, wat betekent dit en wat zijn de kansen?

Nog meer investeren in de jongste kinderen, door van 10 uur naar 16 uur voorschoolse educatie te bewegen. Daarvoor is in het Regeerakkoord 170 miljoen aan extra middelen beschikbaar gesteld. Per 1 januari 2020 is de nieuwe norm van kracht. Naast de nodige uitdagingen, biedt deze ook volop kansen. Voor gemeenten, voor aanbieders van voorschoolse voorzieningen én voor de kinderen zelf.

Op 1 januari 2020 is het zover. Dan wordt het aanbod van voorschoolse educatie voor kinderen tussen 2,5 en 4 jaar verruimd. Aanbieders van VVE moeten straks, verspreid over anderhalf jaar, 960 uren inzetten om doelgroeppeuters te laten deelnemen aan voorschoolse educatie. Daarbij tellen alle uren vóórdat het kind 2,5 jaar is, niet mee voor het behalen van de nieuwe urennorm (ervan uitgaande dat de gehouden internetconsultatie niet leidt tot andere inzichten). En zo zijn er nog meer factoren om rekening mee te houden.

Uitdagingen voor gemeenten en VVE-aanbieders.

Die 960 uur VVE staan natuurlijk al langer op de agenda. Het kabinet heeft in 2018 al aangegeven de investering te zien als een doelmatige verruiming van de onderwijskansen voor ieder kind. Gemeenten en aanbieders van voorschoolse educatie zien dat soms iets anders. Zeker degenen die al begonnen zijn met het voorbereiden op 1 januari 2020. Zij zien ook de groeiende druk op beschikbaarheid en inzetbaarheid van huisvesting en personeel. De verruiming leidt immers tot extra bezetting van lokalen, die nu ook voor VSO-/BSO-voorzieningen worden gebruikt. Daarnaast speelt ook het feit dat er wel een aanbodverplichting en een inspanningsverplichting geldt, maar dat er geen leerplicht voor peuters is. Dit betekent dat ouders actief benaderd moeten worden om hen te stimuleren van de voorziening gebruik te maken. Verder spelen natuurlijk ook de kosten een rol. De extra investering van het kabinet zal volgens een andere verdeelsleutel dan voorheen worden ingezet. Dat betekent dat gemeenten ook een verandering in hun budget zullen merken. Is er nog budget om kinderen al vanaf 2 jaar te laten deelnemen aan voorschoolse educatie en zijn ouders bereid een hogere inkomensafhankelijke bijdrage voor peuteropvang te betalen? Kortom: het is belangrijk om snel helder inzicht te krijgen in de consequenties van de nieuwe urennorm voor ouders, aanbieders en de gemeente.

Mogelijkheden urennorm voor individuele gemeenten.

Duidelijk is dat de nieuwe 960-uursnorm tot uitdagingen leidt. Tegelijkertijd biedt deze uitbreiding nieuwe mogelijkheden. Gemeenten kunnen de concrete inzet van die 960 uur zelf beïnvloeden. Kijkend naar de lokale context, kunnen zij aanbieders de ruimte geven om het VVE-aanbod af te stemmen op de schooltijden, de beschikbaarheid van ruimte en personeel. Differentiatie per leeftijdscategorie is ook mogelijk. Denk aan iets minder uren voor 2,5-3-jarigen en iets meer uren per week voor 3-4-jarigen. Zo zijn er allerlei (lokale) mogelijkheden, om een succesvolle stap naar de nieuwe 960-uursnorm te vergemakkelijken en peuters nog beter voorbereid op de basisschool te laten starten.

Samen in gesprek. Samen aan de slag.

Wij zien vooral veel mogelijkheden voor alle betrokken partijen – gemeenten, VVE-aanbieders, kinderopvang, onderwijs en GGD – om samen op te trekken richting 1 januari 2020, precies zoals we dat al doen voor én met bijvoorbeeld de gemeente Capelle a/d IJssel, gemeente Neder-Betuwe, gemeente Buren, gemeente Venlo en vele anderen. Hier zetten alle partijen gezamenlijk al fundamentele stappen, rekening houdend met kinderen, ouders, personeel, organisatie, aanbod, financiën en fasering. Innovatie nul13 vervult daarbij de rol van verbinder. We faciliteren de dialoog, maar voeren ook analyses uit, adviseren en maken vraagstukken inzichtelijk. Zodat duidelijk wordt hoe de urennorm ter plaatse in de lokale context optimaal kan worden verdeeld. En ook hoe de verhouding van het aanbod voor VVE-peuters ten opzichte van reguliere peuters eruit ziet. Dit soort inzichten helpen, bij het bepalen van de best passende inzet van het budget, maar ook qua inzet van personeel en huisvesting.

Wake-up-call

1 januari 2020 moet het aanbod in iedere gemeente ‘staan’. Vanaf dat moment moeten locaties die als VVE-locatie zijn aangemerkt erop zijn ingericht om aan de nieuwe urennorm te voldoen.
Wij zien in de praktijk dat lang niet alle gemeenten al begonnen zijn. Voor hen is dit een wake-up-call: begin vandaag nog! Ga samen met de kinderopvang in gesprek. Het is immers een gezamenlijke opgave en omdat iedere gemeente anders is, anders werkt en daardoor logischerwijs ook een andere budgetverdeling heeft, is het van groot belang dit echt samen op te pakken. Door nu met elkaar te onderzoeken wat er kan, op welke manier het VVE-aanbod optimaal kan worden ingericht en hoe ouders doelgericht kunnen worden benaderd én betrokken, is de kans groter op een succesvolle start in 2020.